Verslag Thomas Rousseaux

Ik wil hierbij het “verslag” doen van het jaar, het “schooljaar” (2010-2011) van mijn zoon, Tomas Rousseaux °31/03/1994.

Juni 2009, in samenspraak met zijn ouders beslist Tomas, die geslaagd is voor het 4de jaar WETO in het OLV te Vilvoorde om zijn studies af te werken via het parcours van de examencommissie, de Middenjury. Een onzekere, gewaagde, riskante keuze? In ieder geval voor iedereen een stap in het ongekende en onzekere. De school is immers een gekend gegeven en wat komen gaat niet.

We informeren ons via internet en contacten met mensen van de examencommissie hoe we dit kunnen aanpakken. Al snel blijkt dat er al heel wat mogelijkheden zijn via het internet vooral om de studies inhoudelijk in te vullen (cursussen, leerinhouden, programma’s).

Daarna volgt de organisatie en het invullen van de studie. Hoe gaan “we” dit organiseren? Hoe gaat Tomas de leerstof aanpakken en verwerken? Welke “evaluatiemiddelen” zijn er om te zien hoe hij de leerstof verwerkt, enz… Veel vragen nog weinig antwoorden. Gezien er slecht één evaluatiemoment is, enkel in juni voor de examens kan men tussendoor niet “remediëren” zoals in het onderwijs en bijsturen indien nodig. Hij krijgt een agenda met daarin een dagelijkse invulling van gemiddeld één à twee vakken. Daaraan werkt hij zelf, volledig zelfstandig, gemiddeld een tweetal uur, per dag. In de namiddag volgt het sportieve programma aan de volleybalschool waar hij gaat trainen.

In het weekend is er samen met mij een evaluatiemoment van de vakken die hij door de week gestudeerd of ingeoefend heeft. Waar er problemen zijn, zaken die niet begrepen worden, of er externe hulp nodig is, enz…

Meestal konden wij zelf de oplossing of nodige uitleg bieden, heel soms werd een beroep gedaan op een extern iemand (in ons geval onze buurjongen) voor wat meer specifieke uitleg.

Zo werken we een heel schooljaar met af en toe “rustmomenten”, tijdens de vakantie een aantal dagen(max 5) zonder studie.

Het ritme dat hij heeft blijkt toch veel voordelen te hebben:

  • Hij moet niet op een welbepaald uur aanwezig zijn in een school.
  • Is niet gebonden aan een ritme dat iemand(meestal een leerkracht) oplegt voor de leerstof.
  • Er zijn geen negatieve invloeden van leerkrachten of schoolinstanties die een welbepaald gedrag of houding afkeuren.
  • Het tempo van verwerking bepaalt hijzelf en de manier waarop ook.
  • Geen verplichte structuren en reglementen waarbinnen de leerling “moet” evolueren, maar de evolutie van het individu en de inhoud wordt eerder zelf bepaald.(met de ondersteuning van zijn “mentor”(ik als moeder)
  • De motivatie en interesse zijn puur individueel want er wordt voor zichzelf en zijn eigen resultaat gewerkt en niet voor een leerkracht, ouder, school, enz…

Er bestaat dus een grote vorm van “vrijheid” in de evolutie van het kind en de jongere.
Dat is uiteraard niet evident, zeker voor iemand die nog zo jong is. Er moet een omkadering van volwassenen zijn die een bepaalde ruime structuur bieden in de organisatie van de leerstof en de dagindeling. De verdere invulling gebeurt voornamelijk door hemzelf.

Daarvoor zijn er uiteraard bepaalde “tools” nodig die niet iedere leerling of kind gegeven is:

  • Het belangrijkste kenmerk is dat er intrinsieke interesse is van het kind zelf. Zonder eigen interesse in het leren is deze weg onmogelijk. Je moet dus een “curieus” en leergierig kind zijn.
  • Daarnaast is er uiteraard een vorm van zelfdiscipline nodig maar die is sterk gelinkt met de intrinsieke interesse en motivatie.
  • Er is een bepaalde open structuur nodig rond het kind om de leergierigheid te stimuleren en te onderhouden.
  • Men moet beschikken over voldoende denk en analysering vermogen om sommige leerstofonderdelen zelf te kunnen begrijpen en te beheersen.
  • Er is een sociale context nodig waar het kind zich als individu in een groep kan ontplooien.
  • Er moet een sterke onafhankelijkheid en zelfstandigheid aanwezig zijn.

Men kan natuurlijk nooit op voorhand weten of zijn kind over deze tools beschikt om dergelijk parcours aan te vatten. Ook stelden we vast dat Tomas gaandeweg in het parcours deze eigenschappen sterker ontwikkelde en dat zijn evolutie en leergierigheid werd gestimuleerd door deze situatie en dat hij zo de eigenschappen van zelf verwerken en assimileren van de oefenstof steeds beter ontwikkelde. Het verhaaltje van de kip en het ei.

Er zijn uiteraard ook moeilijke momenten geweest. Voornamelijk als er minder activiteiten waren in de Topsportschool laat zich een vorm van “eenzaamheid” snel voelen. Er is weinig tot geen uitwisseling van schoolonderdelen met andere leerlingen. Dus het is moeilijk om te weten of men op goede weg zit en op de juiste manier aan het studeren is.

Deze ervaring heeft ons zeker de “relativiteit” van het schoolsysteem als enige ontwikkelingssysteem van het kind tot 18 jaar in vraag doen stellen. Ikzelf ben iemand van “het onderwijs”. Sinds mijn 3de levensjaar heb ik nergens elders gezeten… Zo ook mijn moeder. Dus doorspekt van ons schoolsysteem. En ik stel vast via mijn eigen zoon, dat dit heel sterk te relativeren is, zeker wat betreft de individuele ontplooiing van een kind. Ik durf met een quasi zekerheid zeggen dat niet alleen zijn persoonlijke ontwikkeling als individu (zelfstandigheid, nemen van verantwoordelijkheid, volwassenheid,) maar ook zijn inhoudelijke ontwikkeling groter zijn geweest dan in gelijk welke schoolcontext. Ook zijn denkvermogen en creativiteit werden veel meer gestimuleerd dan in een klas of schoolcontext. Het niet dwingende kader stimuleert blijkbaar soms meer om te leren dan een dwingend strikt gestructureerd kader waar een externe het ritme en tempo oplegt.

Voor mezelf was dit ook een leerrijke ervaring. Als “mentor” werd ik aangetrokken tot de uitdaging om iets dat ik tot nu toe als onvermijdelijk (incontournable), het schoolparcours tot 18 jaar, plots toch als “contournable” te aanzien.

Maar zonder sociale context (vrienden, leeftijdsgenoten voornamelijk) is dit niet mogelijk. De totale vereenzaming en alles alleen doen is zeker af te raden en zelfs nefast. De ontwikkeling van het individu verloopt ook en zeker in contact met leeftijdsgenoten en een “peer”groep die een nodige weerspiegeling moet bieden aan de jongere.
Daarom zat Tomas ook in een geprivilegieerde situatie als topsporter aangezien hij in de namiddag bij het sportieve programma aansloot in een groep leeftijdsgenoten. Zonder deze structuur denk ik dat dergelijk parcours moeilijk is, zeker voor een 17-jarige.

Ik meen ook met een quasi grote zekerheid te mogen stellen dat zijn denken op een veel minder “gedoctrineerde” manier werd ontwikkeld. Daar waar de school met haar reglement en beperkingen en vooral de eigenheid (engheid van denken vooral) van sommige mensen van het onderwijs soms een echte rem is op de ontwikkeling en het open bloeien van het denken, de meningsvorming, karaktervorming en persoonlijkheidsontwikkeling van een kind, zijn in dit systeem geen belemmeringen en is er een zeer open en positief klimaat om zichzelf volledig en zonder beperking te ontwikkelen. Voor ieder kind ideaal om zijn volle aanwezige potentieel tot totale ontplooiing te laten komen.

Bij het aanvatten van zijn eerste zittijd was het afwachten wat het nu zou worden. Gaandeweg voelden hij en wij dat hij het meer dan behoorlijk aan het doen was en dat slagen er zeker inzat. De zittijd duurde wel relatief lang (ongeveer een 6-tal weken in totaal). Wat enerzijds een voordeel was om sommige examens grondig te kunnen voorbereiden, anderzijds werd de lengte van de examenzittijd en de nodige stress en spanning lang voor een nog jonge student. Ook het principe dat alle examens , op een deel Nederlands na, allemaal mondeling werden afgelegd en dat hij dit nog nooit gedaan had (begint enkel vanaf het 5de jaar in de humaniora) was wat aanpassen in het begin. Er werd ook grondig “overhoord” tijdens de examens, wat normaal was gezien de leerkrachten hun studenten niet kennen. Er werd ook niet gezegd na het examen of hij het goed had gedaan of niet, dus het was echt afwachten in spanning tot aan de proclamatie om te horen of zijn naam vernoemd zou worden.

Tot 29 juni hebben we gewacht om de verlossende naam van Tomas te horen bij de afroeping van de jury! Hij werd ook gefeliciteerd door de juryleden omdat zij dit zelden zien wat hij gepresteerd had: 2 jaar in één en van de eerste zittijd slagen voor alle vakken. “Chapeau” zei de voorzitter… Inderdaad chapeau en respect voor wat hij realiseerde in het schooljaar 2010-2011.

Hij kan starten met Hoger Onderwijs indien hij dit wenst!